7 november 2018 at 21:09

Tentoonstelling, Keuring of Show?

Als landelijke vereniging hebben we een Keurmeesters- en Tentoonstellingsreglement en wordt er over tentoonstellingen gesproken. Als er een tentoonstelling wordt georganiseerd spreken we vaak van een keuring of show. Bij keuring denk ik meteen aan het beoordelen van de kwaliteit van het dier en bij een show meer aan de presentatie en het ‘moment van de dag’.

In het tentoonstellingsreglement lezen we o.a. het volgende;
ARTIKEL 6
Op tentoonstellingen wordt gekeurd volgens het vergelijkend systeem en/of op puntensysteem

ARTIKEL 7
Wordt er gekeurd volgens de vergelijkende methode, dan moeten de dieren geplaatst worden op volgorde van kwaliteit, nl. 1e, 2e en 3e premies. Deze worden weer onderverdeeld in A, B, C, enz.

ARTIKEL 8
Wordt er op punten gekeurd dan geldt hiervoor onderstaande tabel. Keuren op punten:
Algemeen Voorkomen   20 punten
Kop                               8 punten
Horens                          6 punten
Hals/lelletjes                  8 punten
Voorhand                     10 punten
Middenhand                  10 punten
Achterhand                   10 punten
Staart                            4 punten
Benen                           10 punten
Uier/teelballen                4 punten
Beharing                       10 punten
Totaal                         100 punten

Einde citaten…

In mijn beleving is een keuring in principe bedoeld om de kwaliteit van je dier te laten beoordelen door erkende keurmeesters, die op dat moment met een objectieve blik het dier dan beoordelen in VERGELIJKING tot DE STANDAARD. Geen dier is perfect en overal mankeert wat aan. Hierboven staat een rijtje van onderdelen en hoe compleet dat is en hoe ver je er mee uit de voeten kan is niet helemaal belangrijk en of de puntenverdeling wel helemaal van deze tijd is. Het gaat er om dat een dier uit allemaal verschillende onderdelen bestaat, die je allemaal op een waarde moet zetten. Wel leuk is ook in dit rijtje dan te zien dat het Algemeen Voorkomen meteen ook de meeste punten krijgt. Je kunt een dier hebben die in onderdelen heel goed is, maar als je er naar kijkt en het spreekt je niet aan, dan mist er toch iets en andersom gebeurt ook net zo vaak. Een dier komt de ring in en weet je meteen te boeien en is een enorme blikvanger. Bij het ontleden in de onderdelen dan mankeert er wel wat aan, maar hoe dan ook blijft het totaalplaatje en dus vooral het Algemeen Voorkomen je enorm aanspreken. In De Standaard staat ook wat bedoeld wordt met Algemeen Voorkomen en dat is de totaalindruk van type, bouw en karakter. Vooral type is ook moeilijk uit te leggen wat nu echt het gewenste type is en dat is door de jaren heen ook wel gewijzigd.
Maar wat ik vooral hiermee duidelijk wil maken is dat het totaalplaatje van het dier ontzettend belangrijk is en als je naar de onderdelen kijkt en die gaat beoordelen, dat je het wel in de juiste proporties moet waarderen. Op een keuring wordt een dier vaak afgerekend (positief of negatief) op de onderdelen en vooral vanaf de zijkant van de ring is het heel gemakkelijk een dier op één onderdeel totaal af te kraken. Als je dan ook weer mooi naar bovenstaande tabel kijkt dan zie je dat er best veel onderdelen zijn die je allemaal moet beoordelen en het is niet eerlijk een dier op één onderdeel helemaal af te kraken (of zelfs op te hemelen). Zoals bijvoorbeeld een dier met een iets mindere achterhand en licht gekrulde staart. Daar wordt vaak extra op gelet, maar over bijvoorbeeld de stand van de horens hoor je niet vaak wat en kan ik me zo niet herinneren dat daar een dier een plaats op terug gezet is. Alhoewel ik wel dieren gezien heb met totaal gekrulde horens, ook gek toch? Terwijl het qua onderdeel net zo goed een onderdeel van het dier is.

Tevens zijn er best veel onderdelen die ook nog aan conditie onderhevig zijn. Mooi voorbeeld zal ik hieronder geven en hopelijk mag het van de fokker/eigenaar. In mijn ogen nog altijd één van de allerbeste geiten die ooit geleefd heeft en als er volgend jaar een geitje in mijn stal geboren zou worden die precies zo is, dan zou ik tegenwoordig nog ontzettend blij zijn. Dat is namelijk Ruth v.d. Optimist.

Ruth 'afgetraind'

Ruth ‘afgetraind’

Kijk hierboven pakte ze de Nationale Dagkampioenstitel als jongere geit dacht ik. In die tijd vonden we slank en strak super en sloegen we daar een beetje in door. Ruth was hiervoor dan ook 4 weken op trainingskamp geweest en daar kreeg ze super voeding, maar wel met mate en ze kreeg hier paar keer daags zelfs nog een training voor haar al super beste show. Ja, dan heb je er wat voor over! Maar kijk eens wat een super voorhand en kop en hals en een super fraai type. Echt afgetraind staat ze hier, maar als we nu naar de achterhand kijken, dan lijkt die niet super. Dit was puur een momentopname en heeft met bespiering te maken en zelfs iets te veel spanning. Want kijk hieronder dan zie je dat dat weer helemaal correct is, zoals ze ook altijd was.

ruthvdoptimist

Ruth van de Optimist

Wat ik hiermee wil aangeven is dat een dier vaak op paar onderdelen bekritiseerd wordt en er te weinig naar het totaalplaatje gekeken wordt en dat dat ook nog eens onderdelen zijn die conditie en momentopname gerelateerd zijn. Zoals het gebruik van de achterbenen heeft vaak ook te maken met dieren die niet spontaan door de ring willen lopen. Een dier in (licht) verzet, zal zijn benen altijd anders neerzetten, dan een diertje die heel ontspannend naast de voorbrenger in de ring loopt.

Als keurmeester zou je in eerste instantie de kwaliteit van het dier moeten beoordelen, maar kwaliteit van bepaalde onderdelen is dus ook sterk afhankelijk van de conditie en hoe ze voorgebracht worden. Dan komt de show om de hoek kijken en als dat goed verzorgd is, dan kan het tot een mooi geheel komen. De show is ook het mooie wedstrijdelement in onze hobby. Daar kun je zelf veel aan doen en ook aan de conditie van het dier kun je zelf wat aan sleutelen. Een voorbrenger die het zo goed weet te doen dat het dier zelfs nog beter lijkt dan het misschien van kwaliteit is doet het super en heb ik veel waardering voor.

Met vergelijkend keuren moeten de dieren dus op kwaliteitsvolgorde gezet worden en de beste dan vooraan. In het commentaar wordt de eerste vaak enorm bejubeld en wordt de rest van de dieren dan vaak vergeleken met de voorganger en/of het dier wat er achter staat. We willen immers graag weten waarom we op die plaats staan toch? Vooral inzenders die regelmatig met dezelfde dieren op de keuring komen, die weten echt wel wat voor kwaliteiten hun dier heeft en gaan puur voor het spelletje van; hoe hoog kan ik vandaag weer scoren? Om dat te bereiken halen ze alles uit de kast en dat is hun goed recht en zo wordt het ene dier rustiger voorgebracht en het andere dier juist weer wat sneller. Bij een geit wordt er geprobeerd nog een zogend lam bij te houden, want hierdoor blijven ze meestal langer mooi en blijft de voorhand wat luxer. Heb zelfs wel gehoord dat er trucjes zijn om dan de dieren op de keuringsdag even op uier te zetten, zodat ze dan in de achterhand wat breder lijken, dan dat er geen uier onder zit en ze wat nauw van achteren zijn? Ik vind het allemaal super en als je op die manier het spelletje speelt en je kunt daar je voordeel mee doen, waarom niet? Wat goed lijkt, moet je ook als goed waarderen.
Echter wat ik wel eens zie is dat er altijd tendensen zijn die wel eens overtrokken worden en je mag de ene fout niet extreem afstraffen om vervolgens een andere fout te bejubelen.

Zo vind ik dat de gemiddelde kwaliteit van de dieren op een keuring (ik noem het toch maar keuring) tegenwoordig echt ontzettend hoog is, maar dat alle dieren hetzelfde zijn en hetzelfde type laten zien is echt niet zo. Dit is voor de fokkerij echt super, maar keuringstechnisch moet je altijd wel zo dicht mogelijk De Standaard benaderen. Als de echte topper er is, dan wordt die door iedereen meteen gekozen. Zoals Wilko van de Cronenburg op de jongste editie van de Nationale Bokkendag. Op dat moment was er geen twijfel over mogelijk en zat hij zo dicht bij het ideaal dat daar geen enkele discussie over was. Echter bij de meeste dieren is het constant een afweging van weegt zwaarder en wat waardeer je meer. Risico bij afwegen van de plus- en minpunten is dat het wel eens uit de verhouding getrokken wordt (vooral vanaf de zijkant van de ring dan).

Dan denk ik o.a. aan;
– zo vinden heel veel mensen lange dieren super en kan het niet lang genoeg zijn. Echter TE lang is net zo fout als TE kort.
– TE stug in de lendenen en dus wat karperen in de ring tijdens het showen ontsiert een dier. Het tegenovergestelde is dat hele soepele diertje die in stilstand te slap (week) is in de boven- en onderlijn. Zijn allebei fouten toch?
– een diertje die te hakkig is, is een fout. Maar een diertje die recht op de benen staat, maar geen soepele stap kan maken is ook een fout in de benen.
etc.

Hiermee wil ik maar aangeven. Heel vaak probeer je een  fout hard aan te pakken, maar krijg je er een andere fout voor terug en die wordt dan (eerst) ook nog bijna verheerlijkt. Ik geloof qua fokkerij ook wel in de compensatie fokkerij, maar je moet altijd wel zo dicht mogelijk bij het ideaal blijven en het ideaal is eigenlijk vaak het ideale midden. Je gaat ook geen x-benen proberen goed te fokken door een bok te gebruiken met o-benen toch? Zo geldt dat toch ook voor andere onderdelen?

Ben weer behoorlijk afgedwaald. Het keuren van een dier en de onderdelen op waarde inschatten en dat in relatie tot De Standaard is op zich al moeilijk genoeg. Daarbij op een keuring en met de showelementen die er allemaal bij komen en dan steeds het vergelijkend keuren met de concurrentie is in de ene rubriek gemakkelijk en in de andere juist super moeilijk. De plaatsing in een rubriek zegt soms echt weinig over de echte kwaliteit van het dier en al helemaal niet wat er dan dus goed en niet goed aan is en wat voor type het dier heeft als je alleen een keuringsresultaat hebt. Vind het daarom ook altijd heel raar dat personen praten over een 1A dier is beter dan een 1B dier. Zelfs ook al zouden ze bij elkaar in de ring staan, dan kun je je nog afvragen waarom die 1B er die dag achter heeft gestaan. Echter voor het spelletje van de show en het wedstrijdelement wat daarin zit, is natuurlijk een zo hoog mogelijke notering het allermooist en daar gaan we altijd voor op een keuring/show en ik natuurlijk ook.

Vandaar denk ik dat een tentoonstelling = keuring + show en dit houdt de hobby levendig en iedere keuring ook weer spannend.

Leave a Reply

  

  

  

Archief